Als gepensioneerde mag je in principe onbeperkt spaargeld hebben, er bestaat geen wettelijk maximum. Wel heeft de hoogte van je vermogen invloed op toeslagen zoals zorgtoeslag en huurtoeslag, en betaal je vermogensrendementsheffing over spaargeld boven bepaalde grenzen. Voor toeslagen gelden specifieke vermogensgrenzen die jaarlijks worden aangepast, terwijl pensioenkapitaal in bijvoorbeeld een pensioen BV vaak pas meetelt bij uitkering.
Wat bepaalt hoeveel spaargeld je mag hebben als gepensioneerde?
De hoeveelheid spaargeld die je als gepensioneerde mag hebben wordt niet bepaald door wettelijke maxima, maar door praktische overwegingen rond belastingen en toeslagen. In juridische zin bestaat er geen limiet op hoeveel je mag sparen, maar verschillende regelingen hebben wel vermogensgrenzen die bepalen of je in aanmerking komt voor financiële ondersteuning.
Het belangrijkste onderscheid zit in het verschil tussen ‘mogen hebben’ en de gevolgen die een bepaald vermogen heeft. Je mag bijvoorbeeld een miljoen euro op je spaarrekening hebben staan, maar dan kom je niet meer in aanmerking voor zorgtoeslag of huurtoeslag. Ook betaal je vermogensrendementsheffing over het bedrag boven de vrijstelling.
Voor gepensioneerden spelen vooral drie factoren een rol: de vermogensgrenzen voor toeslagen, de heffingsvrije voet voor de vermogensrendementsheffing, en de vraag of vermogen vrij besteedbaar is of gebonden zit in pensioenvoorzieningen. Deze factoren bepalen samen hoeveel netto inkomen je overhoudt en welke ondersteuning je van de overheid kunt krijgen.
Welke vermogensgrenzen gelden voor toeslagen als je gepensioneerd bent?
Voor zorgtoeslag en huurtoeslag gelden specifieke vermogensgrenzen die jaarlijks worden aangepast. Als je vermogen boven deze grenzen uitkomt, vervalt je recht op de betreffende toeslag volledig. Het gaat hierbij om een harde grens: één euro te veel vermogen betekent dat je de hele toeslag kwijtraakt.
Bij het bepalen van je vermogen voor toeslagen telt vrijwel alles mee: spaargeld, beleggingen, een tweede woning, en zelfs contant geld boven een bepaald bedrag. Wat niet meetelt zijn je eigen woning, inboedel, auto, en pensioenrechten die nog niet tot uitkering komen. Ook gebonden vermogen in bijvoorbeeld een pensioen BV telt pas mee op het moment dat het wordt uitgekeerd.
Een praktisch voorbeeld: stel je hebt als alleenstaande gepensioneerde een spaarsaldo dat net boven de vermogensgrens uitkomt. Dit betekent dat je de volledige zorgtoeslag misloopt, wat al snel om honderden euro’s per maand kan gaan. Het loont dus om goed na te denken over hoe je je vermogen inricht, bijvoorbeeld door een deel te schenken aan kinderen of te investeren in je eigen woning.
Hoe werkt de vermogensrendementsheffing voor gepensioneerden?
De vermogensrendementsheffing, ook wel box 3 belasting genoemd, geldt voor iedereen met vermogen boven het heffingsvrije vermogen. Dit belastingvrije bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd en is hoger voor fiscale partners die dit samen kunnen optellen. Over het vermogen boven deze vrijstelling betaal je belasting. De belastingdienst gaat uit van een fictief rendement dat je zou behalen op je vermogen, ongeacht of je dit rendement daadwerkelijk haalt. Dit fictieve rendement wordt vervolgens belast tegen een vast tarief.
Voor gepensioneerden met vermogen in een pensioen BV geldt een bijzondere situatie. Zolang het pensioenkapitaal in de BV blijft en nog niet wordt uitgekeerd, valt het buiten de vermogensrendementsheffing. Pas bij uitkering wordt het belast in box 1 als inkomen. Dit kan fiscaal voordelig zijn, vooral als je na pensionering in een lager belastingtarief valt.
Wat is het verschil tussen spaargeld en pensioenkapitaal?
Het belangrijkste verschil tussen spaargeld en pensioenkapitaal is de beschikbaarheid en fiscale behandeling. Spaargeld is vrij besteedbaar vermogen waar je op elk moment over kunt beschikken, terwijl pensioenkapitaal gebonden is aan specifieke voorwaarden en uitkeringsregels. Dit onderscheid heeft grote gevolgen voor zowel belastingen als het recht op toeslagen.
Pensioenkapitaal kan op verschillende manieren zijn opgebouwd: via een pensioenfonds van je werkgever, in een lijfrenteverzekering, of in eigen beheer via een pensioen BV. Al deze vormen hebben gemeen dat het geld niet vrij opneembaar is en pas bij pensionering of volgens vastgestelde regels mag worden uitgekeerd. Tot dat moment telt dit vermogen meestal niet mee voor de vermogenstoets van toeslagen.
Een praktisch voordeel van pensioenkapitaal is dat het tijdens de opbouwfase buiten de vermogensrendementsheffing blijft. Je betaalt pas belasting op het moment van uitkering, dan in box 1 als inkomen. Dit kan vooral gunstig zijn als je verwacht na pensionering in een lager belastingtarief te vallen. Let wel op dat sinds 2017 geen nieuwe pensioen BV’s meer kunnen worden opgericht voor pensioenopbouw in eigen beheer.
Welke tips zijn er om slim met spaargeld om te gaan als gepensioneerde?
Als gepensioneerde kun je verschillende strategieën toepassen om optimaal met je spaargeld om te gaan. Een veelgebruikte methode is het schenken aan kinderen, waarbij je jaarlijks een belastingvrij bedrag kunt overdragen. Dit verlaagt je vermogen voor de toeslagentoets en kan tegelijkertijd je kinderen helpen met bijvoorbeeld een eigen woning.
Het investeren in je eigen woning is een andere slimme zet. Je eigen woning telt namelijk niet mee als vermogen voor toeslagen, terwijl spaargeld wel meetelt. Denk aan het aflossen van je hypotheek, verduurzaming van je woning, of het aanpassen van je huis voor de toekomst. Ook het spreiden van vermogen tussen partners kan voordelig zijn, vooral als één partner onder de vermogensgrens blijft.
Wees wel alert op valkuilen bij vermogensplanning. Het te snel weggeven van vermogen kan problemen opleveren als je onverwacht hoge zorgkosten krijgt. Ook het omzetten van spaargeld in beleggingen lost het probleem niet op, want beide tellen mee voor de vermogenstoets. Plan daarom zorgvuldig en houd rekening met een buffer voor onvoorziene uitgaven.
Wat zijn de belangrijkste aandachtspunten voor spaargeld bij pensionering?
Bij pensionering is het belangrijk om een goed overzicht te hebben van je totale vermogenspositie en de gevolgen daarvan. De vermogensgrenzen voor toeslagen kunnen het verschil maken tussen comfortabel rondkomen en financiële krapte. Tegelijkertijd wil je voldoende buffer houden voor onverwachte uitgaven zoals zorgkosten of woningaanpassingen.
De fiscale aspecten verdienen extra aandacht. Naast de vermogensrendementsheffing over spaargeld speelt ook de vraag hoe pensioenuitkeringen worden belast. Voor complexere situaties, zoals vermogen in een pensioen BV, is goede planning essentieel om belastingvoordelen optimaal te benutten en valkuilen te vermijden.
Een doordachte vermogensplanning vraagt om expertise, zeker als het gaat om de combinatie van spaargeld, pensioenkapitaal en fiscale optimalisatie. Bij GeldZo hebben we jarenlange ervaring met het begeleiden van gepensioneerden met pensioen BV’s en andere vormen van uitgesteld kapitaal. We helpen je graag om de beste keuzes te maken voor jouw specifieke situatie. Neem gerust contact met ons op voor persoonlijk advies over je vermogensplanning bij pensionering.
Veelgestelde vragen over spaargeld en pensionering
Telt de waarde van mijn auto mee als vermogen?
Nee, de waarde van je auto telt niet mee als vermogen voor de toeslagentoets. Dit geldt zowel voor zorgtoeslag als huurtoeslag. Auto’s worden beschouwd als gebruiksgoederen, net zoals je inboedel en kleding. Wel moet het gaan om een redelijke auto voor persoonlijk gebruik – een dure oldtimer die vooral als belegging dient, kan wel meetellen.
Wat gebeurt er als ik eenmalig een grote som erf?
Een erfenis telt direct mee als vermogen vanaf het moment dat je het ontvangt. Als hierdoor je vermogen boven de toeslagengrenzen komt, verlies je mogelijk je recht op zorgtoeslag of huurtoeslag. Het is verstandig om snel actie te ondernemen, bijvoorbeeld door een deel te schenken aan kinderen of te investeren in je eigen woning. Let op: de Belastingdienst kijkt naar je vermogen op 1 januari, dus timing kan belangrijk zijn.
Mag ik geld weggeven om onder de vermogensgrens te komen?
Ja, dat mag, maar er gelden wel regels. Je kunt bijvoorbeeld jaarlijks belastingvrij schenken aan kinderen (in 2025 is dit €6.604 per kind). Grotere schenkingen zijn ook mogelijk, let dan wel op de vrijstellingen want daarboven betaal je schenkingsbelasting.
Hoe wordt vermogen in het buitenland behandeld?
Vermogen in het buitenland telt gewoon mee voor zowel toeslagen als de vermogensrendementsheffing. Dit geldt voor buitenlandse bankrekeningen, beleggingen, en onroerend goed (behalve je eigen woning). Je bent verplicht dit vermogen op te geven bij je belastingaangifte en toeslagenaanvraag. De Belastingdienst heeft toegang tot internationale gegevensuitwisseling, dus verzwijgen is geen optie.
Wat als mijn vermogen fluctueert door beleggingen?
Voor toeslagen kijkt de overheid naar je vermogen op 1 januari van het betreffende jaar. Fluctuaties gedurende het jaar hebben dus geen invloed op je toeslagen voor dat jaar. Voor de vermogensrendementsheffing geldt hetzelfde: de waarde op 1 januari is bepalend.
Moet ik crypto-valuta opgeven?
Ja, crypto-valuta zoals Bitcoin telt mee als vermogen. Je moet de waarde op 1 januari opgeven bij zowel je belastingaangifte als toeslagenaanvraag. Gebruik hiervoor de koers van een erkende handelsplaats. Let op: crypto staat bekend om zijn volatiliteit, dus de waarde kan sterk schommelen. Bewaar altijd bewijsstukken van de koers die je hebt gebruikt.
Hoe zit het met een gezamenlijke spaarrekening?
Bij een gezamenlijke rekening wordt het saldo in principe fifty-fifty verdeeld tussen beide rekeninghouders, tenzij je kunt aantonen dat de verdeling anders is. Dit kan belangrijk zijn als één partner net boven de vermogensgrens dreigt te komen. Je kunt eventueel afspreken het geld anders te verdelen en dit vastleggen in een overeenkomst, maar doe dit wel tijdig en zorgvuldig gedocumenteerd.
Wat als ik tijdelijk boven de grens kom door een verkoop?
Als je tijdelijk boven de vermogensgrens komt door bijvoorbeeld de verkoop van een tweede woning, verlies je je toeslagen voor dat hele jaar. Ook al investeer je het geld later weer of geef je het weg, de situatie op 1 januari is bepalend. Plan daarom verkooptransacties zorgvuldig. Soms is het beter om de verkoop uit te stellen tot na 1 januari, of om alvast een deel van de verwachte opbrengst weg te schenken.
Waar kun je terecht voor meer informatie?
GeldZo geeft geen advies aan particulieren maar is gespecialiseerd in ondersteuning van oud-ondernemers die een BV hebben met geld voor later.
Bent u particulier zonder een BV en heeft u nog vragen?
Voor vragen over complexe pensioen- en vermogensregelgeving kun je terecht bij verschillende overheidsinstanties die gespecialiseerd zijn in specifieke onderwerpen. Deze organisaties bieden zowel telefonische hulp als online tools om je te helpen bij het maken van de juiste keuzes.
Voor vragen over AOW en pensioenregelingen kun je contact opnemen met de SVB (Sociale Verzekeringsbank) via 088-5582550. Zij kunnen je helpen met vragen over je AOW-uitkering, aanvullende inkomensondersteuning, en andere pensioengerelateerde onderwerpen. Op de SVB website vind je ook de handige AIO-check waarmee je kunt berekenen of je recht hebt op aanvullende inkomensondersteuning.
Voor belastingvragen, waaronder de vermogensrendementsheffing (box 3), is de Belastingdienst je aanspreekpunt via 0800-0543. Zij kunnen je vragen beantwoorden. Een belastingadviseur die ondersteuning biedt aan particulieren kan u ook ondersteunen.
Voor vragen over zorgtoeslag en huurtoeslag kun je terecht bij de Toeslagen via 0800-0052. Zij helpen je met het aanvragen van toeslagen en kunnen uitleggen hoe je vermogen invloed heeft op je recht op ondersteuning. Op de website van Toeslagen vind je de toeslagenrekenmachine waarmee je vooraf kunt berekenen op welke toeslagen je recht hebt.
Veel gemeenten organiseren ook gratis spreekuren speciaal voor gepensioneerden, waar je persoonlijk advies kunt krijgen over financiële zaken. Informeer bij je eigen gemeente naar deze mogelijkheden. Daarnaast bieden organisaties zoals het Nibud en de Consumentenbond gratis advieslijnen voor financiële vragen van ouderen.